Categoriearchief: Citaten

‘In citaten kan ik mijn gedachten vatten’ is een citatenbundel samengesteld en toegelicht door Rob Toornend. Hij verstuurde deze citaten als kerst- en nieuwjaarswens voor 2017.

Gevoelens klikken met citaten

De korte en krachtige uitspraken van schrijvers, dichters, filosofen, wetenschappers en staatslieden worden veelvuldig geciteerd voor het beschrijven en bekrachtigen van eigen opvattingen. Sommige uitspraken dateren van duizenden jaren geleden en laten zien dat in die lange periode nauwelijks iets is veranderd in de aan de orde gestelde gewoontes en zienswijzen.

Daarbij moet wel worden aangetekend dat tijd een relatieve factor is. De moderne mens bestaat ruim honderdduizend jaar. Zijn voorvaderen waren er weliswaar veel langer, maar niet langer dan een minimale fractie van de tijd van het bestaan van de aarde. Citaten uit de afgelopen paar duizend jaar omvatten maar een kort deel van het bestaan van de moderne mens en zo bezien is het dus niet bijzonder dat er in aard en denken van de mens maar weinig is veranderd. Ze roepen wel gedachten en vragen op over de aard van de mens voor de moderne mens en die van veel nu levende, dierlijke wezens. Zal er echt vrijwel niets veranderd zijn?

Als het klikt met een of ander citaat zal het de lezer wellicht inspireren om werk van de schrijver of dichter te gaan lezen.

Samuel Johnson (1709-1784)

A country governed by a despot is an inverted cone

Onze wereld verandert nauwelijks. Er zijn wel allerlei ontwikkelingen, maar die zijn niet essentieel voor ons bestaan. Door de huidige informatie- en communicatietechnologie kunnen we zelfs stellen dat er helemaal geen sprake is van verbeteringen in de menselijke aard. In 2016 is meer dan ooit bevestigd dat een groot aantal landen wordt geleid door personen met absolute macht, despoten, en dat daar dus geen onderscheid is tussen staatshoofd en regeringsleider.

In het Verenigd Koninkrijk is een boekenprijs naar de beroemde Engelse schrijver Samuel Johnson genoemd. Johnson schreef in 1778: ‘Een land geregeerd door een despoot is een omgekeerde kegel.’ Nadat ik die uitspraak in 2016 weer had gelezen, kwam de omgekeerde kegel als ruimtelijke figuur regelmatig op mijn netvlies. Dat leidde de gedachten naar de waarde van citaten als zeer aansprekende, letterlijke uitspraken van veelal bekende personen over zaken die voor velen herkenbaar zijn.

Philip Chesterfield (1694-1773)

The knowledge of the world is only to be acquired in the world, and not in a closet

Tijdens een discussie probeert menigeen zich tegenwoordig met zijn smartphone te voeden voor zijn inbreng en zijn de ogen niet op de spreker gericht. Dat is op zich al een koddig schouwspel. Velen menen door hun draagbare naslagwerk alles op de hele wereld te kennen en vormen op basis daarvan hun mening. Er wordt beoordeeld en geoordeeld zonder enig gevoel vanuit een eigen betrokkenheid.

Lange tijd heb ik verondersteld dat het zonder eigen ervaring beter weten kenmerkend is voor de geest van onze tijd. Het was voor mij verrassend te lezen dat de Engelse staatsman en schrijver Philip Chesterfield in 1746 aan zijn zoon schreef: ‘De kennis van de wereld kun je alleen verwerven in de wereld, en niet in een studeerkamer.’

François de la Rochefoucauld (1630-1680)

Nous ne trouvons guère de gens de bon sens, que ceux qui sont de notre avis

Het bijzondere van mensen is dat er altijd verschil van mening heerst, ook al zijn het gelijkwaardige wezens. Is dat ook zo bij andere levende wezens?

De wereldbevolking splitst zich, onder andere naar geloof en politiek, in groepen die elkaar bestrijden. Elke groep weet het beter en schreeuwt om gelijk te krijgen. Ook binnen groepen is weer verschil van mening over subzaken. Daarbij is het ook bijzonder dat een tegengestelde mening wordt geweten aan onverstand.

In Maximes (voluit: Réflexions ou sentences et maximes morales) schreef François, de hertog van La Rochefoucauld in 1665 al: ‘Wij vinden vrijwel niemand verstandig dan hen die het met ons eens zijn.’ Dat geldt nog steeds. Niets nieuws onder de zon.

John Stuart Mill (1806-1873)

The liberty of the individual must be thus far limited; he must not make himself a nuisance to other people

John Stuart Mill heeft bij de East India Company gewerkt en was een bijzonder mens. Deze Engelse filosoof en econoom was redacteur en financier van een liberaal tijdschrift. Mill was een echte liberaal en heeft een groot aantal boeken geschreven, waar veel vertaalde versies van zijn, zelfs in het Russisch.

Een citaat behoeft niet altijd iets te bevestigen, het kan ook tot nadenken stemmen. Mill schreef in 1859 in On Liberty: ‘Individuele vrijheid moet in zoverre zijn grenzen kennen; het individu mag anderen niet tot overlast zijn.’ Over die grenzen moet goed worden nagedacht.

Is het recht om te staken bijvoorbeeld nog redelijk als het mensen schaadt? Wat te denken van het stilleggen van het openbaar vervoer?

 

 

Claude Lévi-Strauss (1908-2009)

Le monde a commencé sans l’homme et il s’achévera sans lui

Claude Lévi-Strauss is geboren in Brussel, studeerde antropologie en heeft veel gepubliceerd. Hij bereikt een groot publiek met zijn boek uit 1955, Tristes Tropiques, dat weliswaar gebaseerd is op zijn reis door het Amazongebied en ervaringen met indianen, maar inhoudelijk meer dan een reisverslag is. In dat boek schreef Lévi-Strauss: ‘De wereld is zonder mens begonnen en zal zonder hem eindigen.’ Hoe zal de ontwikkeling van de mens in de komende duizenden jaren verlopen? Hoelang zal de aarde nog bestaan?

 Volgens wetenschappers zou de wereld vier tot vijf miljard jaar bestaan. Grafisch kan dat in een lange, rechte lijn worden aangeduid. Bij een schaal van één millimeter voor duizend jaar is het een lijn van 4,5 kilometer. Ruim vier miljoen jaar geleden zijn de mensachtige wezens ontstaan en dat is de periode van de laatste vier meter van die 4,5 kilometer. De moderne mens bestaat 125.000 jaar en op die 4,5 kilometer is dat een stukje van slechts 12,5 centimeter.

Euripides (480 vC-406 vC)

Inzicht hebben is meer waard dan een sterke arm

Het vermogen om te denken is bijzonder. De Amerikaanse predikant, schrijver en dichter Henry van Dyke typeerde dat in zijn uitspraak: ‘Geen enkele hoeveelheid energie, van welke omvang ook, kan de plaats innemen van het denkvermogen.’ Het roept gedachten op over verbaal geweld bij machtstrijd, waarmee vaak alleen een innerlijke zege behaald kan worden; je bent er zeker van dat je gelijk hebt, je krijgt dat gelijk alleen niet.

Ook Euripides roemde het belang van inzicht al. Inzicht kan worden verkregen door denken op grond van eigen kennis en ervaring. Wederom een citaat dat mijn gedachten naar macht en politiek doet gaan. Helaas regeert het verstand niet in iedere persoon.

Ralph Waldo Emerson (1803-1882)

Take notes on the spot: a note is worth a cartload of recollection

Anderhalve eeuw geleden schreef de dichter en filosoof Ralph Waldo Emerson: ‘Maak aantekeningen ter plekke: één aantekening weegt op tegen een karrenvracht herinneringen.’ Dat was de tijd van het schrijfblok en ruim een eeuw later ontwikkelde zich de opnametechniek. Emersons uitspraak blijft echter in essentie van kracht ongeacht de methode van aantekeningen maken. Het tijdens horen en zien noteren van de hoofdzaken blijft ondanks die technische mogelijkheden veelal doeltreffender voor het corrigeren en aanvullen van herinneringen.

Ludwig Josef Johann Wittgenstein (1889-1952)

Een pointe in een gedicht is al te spits, wanneer de spitsheid van het verstand naakt aan het daglicht treedt, niet bekleed door het hart

Proza staat voor het literair uitdrukken zonder gebonden te zijn aan versregels. De dichtkunst is poëzie. Émile Auguste Chartier brengt die begrippen samen in zijn uitspraak: ‘Stijl is poëzie in proza, dat wil zeggen een manier van uitdrukken die niet door het denken wordt verklaard.’ Heeft poëzie niets van doen met nadenken? Dit citaat suggereert dat poëzie iets gevoelsmatigs is dat niet door het verstand verklaard hoeft te worden.

Bij dit citaat past hetgeen Ludwig Wittgenstein over poëzie heeft verwoord, en dat wordt zowel door gevoel als door verstand volledig bevestigd.

Edward George Bulwer (1803-1873)

The pen is mightier than the sword

Dat de pen machtiger is dan het zwaard wil niet zeggen dat de pen zelf de feitelijke macht uitoefent, maar dat de pen de uitoefening van de macht veelal mogelijk maakt. Het is positief als de pen de waarheid schrijft en de macht zich daarop kan gronden. Als de heersende macht de waarheid niet kan velen, wordt het zwaard echter gebruikt om de penschrijver uit te schakelen en is de pen niet machtig genoeg om dat te voorkomen.

De pen kan ook ten dienste van de heersende macht voor leugen en bedrog worden gebruikt om zo de negatieve invloed van het zwaard mogelijk te maken. Dit citaat in zeven woorden van deze schrijver en dichter komt na anderhalve eeuw nog regelmatig in gedachten bij al het nieuws, of het nou lokaal, nationaal of internationaal is.

Charles Schwab (1862-1940)

Personality is to a man what perfume is to a flower

Persoonlijkheid is voor een mens hetgeen de geur is voor een bloem. Dit is het zevende gebod in ‘De tien geboden van SUCCES’ (The Ten Commandments of Succes) en blijkbaar een uitspraak van de bekende staalmagnaat C.M. Schwab. Het spreekt me direct bijzonder aan.

Een geur kan wel of niet aangenaam zijn, is wel of niet direct herkenbaar en sterk of zwak. Bovendien heeft niet iedereen goede reuk en kan een geur die voor de een aangenaam is, voor de ander uiterst onaangenaam zijn.

Aristoteles (384 vC-322 vC)

Een stelling is gemakkelijker te weerleggen dan op te stellen

De Griekse filosoof Aristoteles, leerling van Plato, schreef al heel lang geleden in zijn Logica: een stelling geeft een standpunt weer en een niet te weerleggen stelling vereist kennis en inzicht. In alle eeuwen na zijn Logica is er in essentie niets veranderd in de reeks argumenten tegen een uitgedragen standpunt. Door alle moderne communicatiemiddelen is die strijd op alle gebieden nu dagelijks te ervaren en wordt dit citaat veelal bevestigd.

Robert Stevenson (1850-1894)

The cruelest lies are often told in silence

Ja, de wreedste leugens worden vaak verteld door te zwijgen. Dit citaat is opgenomen in de essaybundel van Robert Stevenson (Virginibus Puerisque uit 1981). Stevenson is onder meer bekend als de Schotse schrijver van Dr. Jekyll en Mr. Hyde.

In menige discussie zal deze conclusie door velen zijn ervaren: zwijgen is toestemmen zonder zich onaardig te hoeven uiten. Dat een zwijger niet met een idioot wil praten, zou weliswaar ook een reden kunnen zijn, maar ook dan is het oprechter dat met zoveel woorden duidelijk te maken.

Erich Maria Remarque (1898-1970)

Den Charakter eines Menschen erkennt man erst dann, wenn er Vorgesetzter geworden ist

De Duitse schrijver Erich Maria Remarque (pseudoniem van Erich Paul Remark) is onder meer bekend van Im Westen nichts Neues, dat hij in 1929 schreef. Hij moest in 1916 als militair in dienst en heeft als zodanig de Eerste Wereldoorlog ervaren. In 1933 werden zijn boeken in Duitsland verboden en in 1938 mocht hij geen Duitser meer zijn. Het jaar daarop is hij naar de USA vertrokken.

Niet opmerkelijk dat hij met zijn ervaring schrijft: Het karakter van een mens leer je pas kennen als hij chef is geworden. In veel gevallen was de chef voordien een knechtje van gelijk met nog wel enig besef kritisch te kunnen worden beoordeeld.

Geerten Gossaert (1884-1958)

De intuïtie heeft niet van node kennis te nemen wat onze nagedachte zich als beweegredenen gelieft voor te stellen

Je weet het precies, zonder de behoefte erover na te denken en zonder overwegingen achteraf. Dat wat moeilijk te onderbouwen is, kan dan worden afgesloten met: Rekening houdende met al hetgeen is genoemd en met mijn op kennis en ervaring gegronde intuïtie stel ik vast dat… Tegenwoordig hecht een aantal zogenaamde deskundigen helaas meer aan zeer veel pagina’s gezeur dan aan gevoel door kennis en ervaring.

Frederik Carel Gerretson is bekend als de dichter Geerten Gossaert. In 1911 verscheen zijn enige bundel, Expirimenten , waar in 2006 nog de 17e druk van verscheen. Een bijzondere man, die op de KMA wordt opgeleid tot officier en na zijn officiersfunctie letteren en filosofie studeert.

In Trou Moet Blycken, de bundel van Gerrit Komrij over bekende dichters uit de 12e tot en met de 21e eeuw, schrijft Komrij vol lof over Gossaert.

Jean Cocteau (1889-1963)

Le Poète se souvient à L’avenir

De bekende Jean Cocteau schreef dit in 1953 in zijn Journal d’un inconnu (Dagboek van een onbekende) en bij het lezen komen er direct vragen op. Denken dichters aan de toekomst of herinneren zij zich die? Blijkt dat uit hun gedichten? Cocteau, de schrijver, schilder, filmmaker en grote vriend van Picasso, presenteerde zich primair als dichter.

De toekomst intrigeert. Geschiedenis herhaalt zich. Na de dictator en andere wrede heersers zal de vrijheid weerkeren. De aarde zal niet eeuwig bestaan. Geloof in god of goden doet een toekomst schemeren. Denken dichters daar meer aan?

Nicolas Boileau-Despréaux (1636-1711)

Un sot trouve toujours un plus sot qui l’admire

Boileau studeerde rechten en werd advocaat, maar richtte zich vervolgens met studies op minder zakelijke gebieden, zoals religie, en koos uiteindelijk voor een bestaan als schrijver en dichter. Zijn familie bekleedde voorname posities in het land en vond deze keuze een Boileau onwaardig. Als leeftijdgenoot van Lodewijk XIV werd Nicolas in 1677 wel koninklijke geschiedschrijver van Frankrijk.

In 1674 schreef hij De poëtische kunst, een soort gedicht dat verdeeld is in Canto I t/m IV en in totaal elfhonderd regels omvat. De laatste regel van Canto I is: ‘Een dwaas vindt altijd een nog grotere dwaas die hem bewondert.’ Dat is een conclusie die drieënhalve eeuw later nog dagelijks wordt ervaren.

Charles Sanders Peirce (1839-1914)

No amount of speculation takes the place of experience

Geen uitgebreide bespiegeling vervangt ooit ervaring. Dit zal mensen met veel ervaring in hun professie bijzonder aanspreken.

Het is niet goed mogelijk de Amerikaanse filosoof Peirce in het kort te typeren. De wiskundige, de doctor in de scheikunde en man van veel andere studies was origineel en veelzijdig, maar had een moeilijk leven. Zijn citaat spreekt aan en nodigt uit om enige kennis te nemen van de mens erachter. De bewondering voor hem resulteerde na zijn overlijden in uitgebreide geschriften, zoals bijvoorbeeld de Collected papers of Charles Sanders Peirce in de jaren dertig.

Paul Fort (1872-1960)

Laisse penser tes sens, homme, et tu es ton Dieu

‘Laat je gevoelens denken, mens, en je bent je eigen God’ is opgenomen in Les ballades françaises (1958). Paul Fort heeft als Franse dichter en toneelschrijver veel geschreven en werd in 1912 in Frankrijk verkozen tot prins der dichters. De bekende chansonnier George Brassens heeft gedichten van Paul Fort op muziek gezet en gezongen.

Je bent goed bezig als je je gevoel niet onderdrukt en het denken kan loslaten. Bij herhaling komt deze positieve waardering voor het gevoel in gedachten.

Kahlil Gibran (1883-1931)

A disagreement may be the shortest cut between two minds

De bijzondere en wereldberoemde schrijver en tekenaar Kahlil Gibran is geboren in Libanon en ging op twaalfjarige leeftijd met zijn moeder naar Amerika. Na vier jaar keerde hij voor studie tijdelijk terug naar Beiroet. Op zijn vijfentwintigste studeerde hij nog een aantal jaren aan de kunstacademie in Parijs. Zijn boek De Profeet, uit 1923, is wereldwijd bekend.

Bij dit citaat (Een meningsverschil is soms de kortste verbinding tussen twee opinies) wordt Sand and Foam (Zand en schuim) uit 1926 als bron vermeld. Het boek staat met negen andere boeken van Gibran bij de dichters in onze boekenkast, maar ik heb dit citaat er niet in kunnen vinden. Wel was ik weer geboeid door deze bijzondere schrijver, en nu heb ik ook begrepen dat ‘All you need is love’ door hem is geïnspireerd.

Ernst Friedrich Schumacher (1911-1977)

Centralisation is mainly an idea of order; decentralisation one of freedom

Schumacher verruilde Duitsland al op jonge leeftijd voor Engeland en was van 1950 tot 1970 economisch adviseur van de National Coal Board. Hij vervulde meer belangrijke functies, maar is internationaal vooral bekend door zijn in 1973 geschreven boek Small is Beautiful. Ik heb het in 1977 voor 4,95 pond in Londen gekocht en was direct geboeid door de inhoud.

Veertig jaar geleden onderstreepte ik bovengenoemd citaat vanwege de relatie met de maatschappelijke ontwikkelingen van destijds. Toen al speelde de hang naar centralisatie en het daarbij niet onderkennen van de voordelen van decentralisatie. De titel van Schumachers boek is de aanwijzing om het kleine te eren en zijn citaat onderschrijft het grote nadeel van te veel centraliseren.

Stefan Zweig (1881-1942)

Wahrhaftigkeit und Politik wohnen selten unter einem Dach

Stefan Zweig was een Oostenrijker van Joodse afkomst en is in 1940 met zijn vrouw in Brazilië gaan wonen. Een bekend boek van hem is De wereld van gisteren. Gezien de Tweede Wereldoorlog en de opmaat daartoe is het niet verbazingwekkend dat hij heeft geschreven: ’Waarachtigheid en politiek leven zelden onder één dak.’ Ook bij minder ernstige zaken kan dagelijks wel een conclusie met dit citaat worden bekrachtigd.

In Schachnovelle schrijft hij over een man die in gevangenschap heeft leren schaken; het was zijn overlevingsstrategie. De boekverfilming ging in 1960 in première. Kort na de publicatie van Schachnovelle pleegden Stefan Zweig en zijn vrouw als gevolg van zijn droevige ervaringen zelfmoord.

Thomas Mann (1875-1955)

Es ist schwer, es zugleich der Wahrheit und den Leuten recht zu machen

Als telg van een rijk koopmansgeslacht koos Thomas Mann, net als zijn broer Heinrich, voor een leven als schrijver. Zeer bekend is zijn roman Buddenbrooks uit 1901 over het verval van de familie Buddenbrook. Het is een sleutelromen, feitelijk gaat het over Manns eigen familie. Een dik boek; de Nederlandse uitgave telt meer dan 500 pagina’s.

Thomas Mann ontving in 1929 de Nobelprijs voor de Literatuur. Hij keerde zich sterk tegen het fascisme en vertrok in 1933 uit Duitsland naar Zwitserland. In 1939 verhuisde hij naar de Verenigde Staten. Hij werd Amerikaan, maar vestigde zich in 1952 weer in Zwitserland.

Gelet op de levenservaringen van deze schrijver, met de twee wereldoorlogen en het vreselijke fascisme, is zijn bondige conclusie (Het is moeilijk om tegelijk de waarheid en de mensen het naar de zin te maken) weinig verrassend.

Friedrich Freiherr von Logau (1604-1655)

Gottes Mühlen mahlen langsam, mahlen aber trefflich klein

De Duitse dichter Friedrich von Logau, geboren in Brockuth, een plaats in het huidige Polen, heeft rechten gestudeerd en bewoog zich in adellijke kringen. Zijn aforisme ‘Gods molens malen langzaam, maar malen goed’ is opgenomen in de in 1654 verschenen bundel Deutsche Sinngedichte.

Molens zijn bij Nederlanders welbekend en dienden om hout te zagen of om koren te malen. In deze uitspraak gaat het om de korenmolen en dan met name om de malende molenstenen. Zij die God als schepper en heerser boven alles zien, geloven dat op de aarde alles goed zal komen, maar dat het nog wel een tijd kan duren. Zal Friedrich von Logau dat eeuwen geleden hebben bedoeld met zijn aforisme?

Rabindranath Tagore (1861-1941)

Het onware kan nooit tot waarheid worden door in macht toe te nemen

Rabindranath Tagore stamt uit een voorname familie van Brahmanen en is geboren in Calcutta, de stad die in de negentiende eeuw als de tweede stad van de het Verenigd Koninkrijk werd beschouwd. Tagore schreef bundels met dichterlijke aforismen, korte verhalen, romans, liederen en toneelstukken. Hij verwoordt algemeen menselijke gevoelens en zijn boeken zijn wereldwijd geliefd. In 1913 verwierf Tagore de Nobelprijs voor de Literatuur. Wijzangen en ook andere boeken zijn vertaald door zijn grote bewonderaar Frederik van Eeden. Deze hoogstaande hindoe Tagore is ook in Nederland geweest.

De keuze van dit citaat is niet vanwege het grote aantal boeken in de kast van zijn bewonderaar, maar door de kracht van dit citaat in onze tijd met al haar huiveringwekkende machtsontwikkelingen. Het is één van de vele poëtische aforismen in Stray Birds (vertaald als Zwervende Vogels). Tagore was bijzonder; hij schreef op zijn dertiende al een dichtbundel.

Samuel Johnson (1709-1784)

Every quotation contributes something to the stability or enlargement of the language

Samuel Johnsons citaat over de omgekeerde kegel als metafoor voor een land dat geregeerd wordt door een tiran inspireerde me de aandacht op citaten van andere bekende personen uit heden en verleden te richten. Hij krijgt dan ook het laatste woord, want alle hier opgenomen citaten zullen de uitspraak van deze Engelse schrijver over de waarde van een citaat bevestigen. Johnson schreef in 1775: Ieder citaat draagt iets bij tot de stabiliteit of verruiming van de taal.