5. Kunst verbindt

Onze aardbol zal in dit oneindige heelal niet de enige bewoonde planeet zijn. Onze wereld lijkt wel groot, maar is relatief klein. Het is dan ook bijzonder dat de bewoners zo verschillend zijn in uiterlijk, gedrag en taal. Er zijn op onze wereld meer dan tweeduizend talen die zowel mondeling als schriftelijk worden gebruikt, en nog tweemaal dat aantal dat alleen mondeling wordt gebruikt. Met bijna zevenduizend talen is het dan niet bijzonder als mogelijke buitenaardse wezens zowel qua uiterlijk als in gedrag, maar ook qua taal van ons verschillen. Die verschillen kunnen groot zijn, maar op onze aarde wordt ervaren dat kunst zich zonder problemen veelal universeel kan presenteren. En ook al zijn de verschillen groot, ze belemmeren de waardering voor kunst niet: kunst verbindt.

Kunst uit zich onder meer in muziek, theater, schilderen, beeldhouwen, architectuur, film en literatuur. Kunst komt vanuit gevoel, wordt in het hoofd behandeld en met de handen afgehandeld. Een kunstwerk wordt doorgaans mede op grond van de ambachtelijke kwaliteit gewaardeerd en komt tot ons in horen, zien en lezen. Bij grote verschillen tussen de aardse mensen en zo mogelijk nog grotere tussen hen en buitenaardse, mensachtige wezens, kunnen kunstwerken universeel blijven. Het moeilijk begrijpen of niet aanvoelen van een kunstwerk hoeft niet te worden gerelateerd aan de genoemde verschillen binnen de mensheid. Om een kunstwerk te begrijpen zal ook enige inspanning vereist zijn, maar kunst verbindt de mensachtige wezens.

Als de schepper van een kunstwerk vreugde wil brengen, wil ontroeren of verbazen, zal dat niet voor iedereen herkenbaar zijn. Een kunstwerk hoeft ook niet direct zijn doel te tonen en kan zijn geschapen in een vorm die niet of nog niet aanspreekt. Dat doet mij denken aan Picasso’s schilderijen van mismaakte en verwrongen mensen in een afschuwwekkend schouwspel. Mijn reactie was: hoe kan iemand die zoiets schildert als kunstenaar worden gewaardeerd. Naar aanleiding hiervan zocht ik verder en stuitte ik op een film die een verband legt tussen deze kunstuiting van Picasso en de Spaanse burgeroorlog, en dan met name het ‘Luftwaffebombardement’ in 1937 op Guernica y Luno, een stadje van achtduizend inwoners. Het was de eerste luchtaanval op een open stad en dan ook nog door de Duitse luchtmacht. Picasso was zodanig getroffen door dit afschuwwekkende bombardement, dat hij zich op deze wijze moest uiten in zijn schilderijen. De door hem geschilderde mismaakte wezens toonden mij op een ontroerende wijze het afschrikwekkende en afschuwelijke van dit misdadige bombardement. Toen voelde ik met grote waardering de kunst van zijn werk en was ik verbaasd over de treffende eenvoud.